Kinderopvanghuis:
Deenik en Dermout

Vlak bij de hoek van de Arnhemsebovenweg en de Traay ligt een woning die zowel voor als in de oorlogsjaren in gebruik was als kinderhuis. In het huis waren veel Joodse kinderen vooral afkomstig uit Amsterdam ondergebracht. De leiding van het huis was in handen van de dames Deenik en Dermout.

Arnhemsebovenweg 40

Er werd met straffe hand geregeerd. ’s-Nachts naar de wc was uit den boze. Onderweg naar de Emma school ergens aanbellen om naar het toilet te kunnen was verboden. Wel werd er ’s avonds voor het slapen gaan voorgelezen. Soms kwam Lena Ridderhof zingen. De leidsters deelde een kamer waar ook Jan, een toen 15 jarige autistische, alsmede hard schreeuwende  jongen sliep. Deze jongen was hun oogappel. Het mocht hem aan niets ontbreken.

Uit verschillende verhalen valt op te maken dat er mogelijk twee groepen Joodse kinderen waren;een groep ’legale kinderen’ en een groep illegalen. De legale kinderen kregen een ster en bleven lange tijd naar school gaan. De illegale groep droeg geen ster en mocht zich niet voor het raam of buiten vertonen. Op verzoek van dokter Hermans ging Meta van Kempen (lerares van de Emma school) les geven aan deze kinderen. Het totaal aantal kinderen moet tussen de 30 en 40 hebben gelegen waarvan 17 van Joodse afkomst.

De leidster mevrouw Dermout had contact met de NSB burgemeester en wist aan extra voeding voor de kinderen te komen. Hoe dat is gegaan is een raadsel?

Op 6 januari 1944 werden bij een overval in verschillende woningen in Driebergen een aantal Joden opgepakt. Vijftien kinderen uit het kinderhuis “De Viersprong” werden in een wagen gesmeten en weggevoerd. Opvallend is daarbij dat de autistische Jan niet is opgepakt en omgebracht en dat enkele kinderen in het huis zijn achtergebleven.

Waarom niet veel eerder een inval werd gedaan is onduidelijk. Landelijk gezien is het transport van de kinderen op 12 januari 1944 van Amsterdam naar Westerbork één van de laatste geweest. Voor zoveel bekend zijn 15 kinderen naar Auschwitz vervoerd en daar omgebracht, waaronder de tweeling Sophie (links) en Hadassa (rechts) Wijzenbeek.

Een deel van deze gegevens werd ontleend aan onderzoek gedaan door dhr R. Jacobsen.